ZEILEN. De Regenboogklasse. Naar aanleiding van het rapport over de instelling van nieuwe klassen van zeilvaartuigen, werd door het Congres voor Watersport o. a. de wenschelijkhieid uitgesproken, een kleine eenheidsklasse in te voeren, als voortzetting en vervanging van de A.8.C.-klasse. De betreffende Commissie had voor deze eenheidsklasse, de „Regenboogklasse" van twee bekende jachtbouwers teekeningen ter beoordeeling ontvangen en daaruit die van den heer De Vries Lentsch uitgekozen. De schuitjes zouden door de firma De Vries Lentsch voor ƒ 1000 per stuk leverbaar zijn aangenomen, dat geen bijzondere omstandigheden in zouden treden tusschen de tijdstippen van toezegging en bestelling. Zooals den Congresleden bekend is bleek ter elfder ure, dat wel degelijk bijzondere omstandigheden waren opgetreden: ten eerste waren de materiaalprijzen sterk gestegen, en ten tweede waren er interne moeilijkheden bij de firma Lentsch gerezen, die maakten, dat zij de levering voorloopig niet op zich kon nemen. En het is zeer de vraag, of ooit de tijd terugkomt, dat een scheepje als het ontworpene voor den werkelijk zéér lagen prijs van f 1000 leverbaar zal zijn. Doordat dit alles eerst op het laatste oogenblik aan de Commissie werd geopenbaard, bleef er vóór haar geen tijd over, om andere plannen te bespreken en moest gelijk dus zeer tot haar spijt adviseeren, de invoering der klasse uit te stellen. Thans doet zich de vraag voor, of het aanbeveling verdient het plan verder to ontwikkelen met het andere ingediende ontwerp als basis. Dat tweede ontwerp is vervaardigd door den heer H. W. de Voogt te Haarlem. Het werd niet gekozen, voornamelijk, omdat het niet zooveel, "waar voor het geld" bood als het ontwerp-Lentsch en verder omdat het jachtje wat al te zeer voor de binnenwateren leek bedoeld en dat het daardoor als concurrent voor de opgerichte „Nationale Middenzwaardklasse" zou kunnen optreden. Besprekingen van recenten datum met den heer De Voogt over deze onderwerpen gaven de volgende resultaten: De heer De Voogt heeft thans geen gelegenheid den bouw der jachtjes geheel op zich te nemen. Hij stelt echter voor, het eerste bootje geheel aan zijn werf te doen vervaardigen, en naar het daarbij verkregen stel standaard-mallen door anderen de rompen der overige scheepjes te doen bouwen. De zeilen, het rondhout, het gieten smeedwerk en andere onderdeelen zouden eveneens door anderen vervaardigd worden. De geheele afwerking als het opschilderen en monteeren van de bootjes zou dan weer aan de werf De Voogt geschieden, die meedeelt dan voor absolute eenheid te kunnen instaan. Het oorspronkelijke plan van den heer De Voogt, dat o.a. voorkomt in den onlangs uitgegeven catalogus der werf en in „De. Watersport" van Febr. 1916, zou dan zoodanig veranderd worden, dat het vrij boord een flink stuk hooger wordt, vooral vóór, dat de voorste overhang 30 CM. langer wordt en de kiel 10 CM. dieper. Door deze veranderingen zou het ontwerp zeer zeker' veel in zeewaardigheid winnen. De prijs der jachtjes zou bedragen f 1100, indien er 20 tegelijk zoo spoedig mogelijk besteld worden. Bij 15 stuks zou do prijs f 1200 bedragen; bij 10 stuks f 1350. De aflevering zou geschieden als volgt: indien de bestelling kan geschieden voor 2 Maart a.s. kunnen 5 stuks begin Juni afgeleverd worden, en vervolgens iedere maand 4 stuks, zoodat begin September 17 stuks zoudon zijn afgeleverd en de 3 laatste in Oetober a.s. In den geest van bovenstaande mededeelingen is thans door de commissie een circulaire rondgezonden. Van het aantal bestellingen zal het natuurlijk afhangen of de klasse dit jaar kan ingevoerd worden. Plannen voor een serie wedstrijden, speciaal voor de Regenboogklasse, een soort kampioenschap, dat dan natuurlijk zoo laat mogelijk in het seizoen zou verzeild worden, worden reeds overwogen.